Emanuel Rutten bewijst: God bestaat misschien

Afgelopen najaar promoveerde de wiskundige en filosoof Emanuel Rutten op een proefschrift over hedendaagse ‘godsbewijzen’. In dat proefschrift poneert hij een eigen, nieuw, eigentijds ‘godsargument’ dat wereldwijd de aandacht trok. Hoe sterk is dat argument?

Nu veer ik altijd even op als het woord godsbewijs valt. Niet omdat ik verwacht dat het mogelijk is rechttoe rechtaan te bewijzen dat God bestaat, maar wel omdat ik denk dat godsbewijzen wel degelijk íets zeggen. Ze leggen op een gestileerde wijze een bepaalde redelijkheid van het geloof aan de dag. Het denken van Emanuel Rutten vind ik dan ook bijzonder boeiend. Op de een of andere manier blijft het fascineren.

Hoe luidt zijn argumentatie? Kort gezegd komt het hier op neer: Alles wat waar is, is in principe kenbaar en (dus) wat principieel niet kenbaar is, kan ook niet waar zijn. Let op: het gaat hier dus niet om zaken die we feitelijk niet kunnen kennen. Of er leven is op een planeet in een sterrenstelsel lichtjaren bij ons vandaan zullen we wellicht nooit achterhalen. Maar in principe zijn dat soort gegevens kenbaar en dus niet op voorhand onwaar. Het gaat hier om uitspraken waarvan de waarheid nooit en te nimmer onder geen enkele omstandigheid door iemand achterhaalbaar is. Dat soort uitspraken, zegt Rutten, zijn noodzakelijk onwaar. Nu is volgens Rutten de uitspraak ‘God bestaat niet’ zo’n uitspraak. Dat God niet bestaat kun je nooit weten. Maar dan kan de uitspraak ‘God bestaat niet’ ook nooit een ware uitspraak zijn en dus is de uitspraak ‘God bestaat’ altijd waar. Schematisch presenteert Rutten zijn redenering als volgt:

1. Als het onmogelijk is te weten dat p, dan is p noodzakelijk onwaar (eerste premisse),
2. Het is onmogelijk om te weten dat God niet bestaat (tweede premisse),
3. Dus, de propositie ‘God bestaat niet’ is noodzakelijk onwaar (uit 1 en 2),
4. Dus, het is noodzakelijk waar dat God bestaat (conclusie, uit 3).

Zoals gezegd, de redenering blijft fascineren. Maar tegelijkertijd roept ze iets op van ‘dit kan niet waar zijn’. Juist omdat de redenering op zich zo waterdicht is en de conclusie zo dwingend en verstrekkend, ga je vanzelf denken dat er iets niet klopt met de premissen. Volgens mij is dat ook het geval.

Nu zegt Rutten zelf: ‘Mijn argument is geen sluitend bewijs. Sluitende bewijzen zijn voor de wiskunde, daar doen filosofen niet aan.’ Het enige dat hij pretendeert, is dat zijn argument het bestaan van God een stuk aannemelijker maakt. Maar ondergraaft precies die relativering niet zijn redenering? Vreet die relativering niet met achterwaartse kracht de tweede premisse aan? Namelijk: als Ruttens godsargument het bestaan van God niet zeker maar slechts aannemelijk maakt (zoals hij zelf stelt), dan is de waarheid van de uitspraak ‘God bestaat niet’ niet uit te sluiten en is de uitspraak dus mogelijk waar. Maar wat mogelijk waar is, is mogelijk kenbaar (implicatie van premisse 1) en dus is de uitspraak ‘God bestaat niet’ mogelijk kenbaar. Daarmee is de tweede premisse van de argumentatie ondergraven. Want premisse 2 luidt nu juist dat de uitspraak ‘God bestaat niet’ onkenbaar is.

En zo valt de hele redenering in duigen, want als de uitspraak ‘God bestaat niet’ mogelijk kenbaar is, voldoet die uitspraak niet aan de eis van onkenbaarheid uit de eerste premisse en is die uitspraak niet noodzakelijk onwaar. En dus is ook de conclusie ‘God bestaat’ niet noodzakelijk waar.

Wat Rutten in feite beargumenteert, is volgens mij dit:

1. Als het onmogelijk is dat p, dan is p noodzakelijk onwaar
2. Het is onmogelijk om zeker te weten dat God niet bestaat.
3. Dus, de propositie ‘God bestaat zeker niet’ is noodzakelijk onwaar
4. Dus het is noodzakelijk waar dat God misschien bestaat.

Ik denk dat Ruttens godsargument alleen deze afgezwakte conclusie toelaat. Maar ja, dat is natuurlijk niet zo opzienbarend.

Verder lezen: Emanuel rutten, Een modaal-epistemisch argument voor het bestaan van God. In: Radix, Tijdschrift over geloof en wetenschap, jaargang 38, # 3, 2012.

Verwant onderwerp: “Hallo, ik ben er niet”. De zeggingskracht van het godsbewijs

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>